belang van de creatieve klasse

Richard Florida: creatieve klasse zoekt open stad

verslag lezing Richard Florida

De stad is de belangrijkste sociale en economische organisator van deze tijd, zegt Richard Florida. De Amerikaanse socioloog en schrijver van ‘The rise of the creative class’ gaf gisteren een gratis lezing op de Faculteit Economie & Management van de Hogeschool Utrecht. Open steden met een grote diversiteit trekken een creatieve klasse aan, die op zoek is naar betekenis en gemeenschapszin, en niet naar financieel gewin.


Van onze correspondent Marit Overbeek

Richard Florida introduceerde begin 2000 de term creatieve klasse, waarmee hij dat deel van de beroepsbevolking aanduidt dat innovatieve arbeid verricht. Binnen de creatieve klasse vallen onder andere kenniswerkers als wetenschappers, docenten, kunstenaars en ontwerpers. Volgens de socioloog heeft Nederland een van de grootste creatieve klasses ter wereld. De theorie van Florida wordt bekritiseerd, maar is ook gebruikt in steden als Amsterdam om maatregelen te treffen die de stad aantrekkelijker moeten maken voor creatievelingen.

Crisis duurt nog wel even

Florida trapte zijn lezing op de Hogeschool van Utrecht af met de stelling dat we nu de derde grote economische crisis van het kapitalisme beleven. De gedachte dat deze crisis over twee jaar over zou zijn, weerspreekt de Amerikaan. Volgens hem is deze crisis een overgangsperiode, van een oude naar een nieuwe economische orde, en zal hij daarom lang duren, misschien wel tien jaar.

Occupy-beweging roept om betekenis

De creatieve klasse kan een grote rol spelen in de overgang naar een nieuwe economische orde, zegt Florida. Mensen uit deze groep worden namelijk niet gedreven door geld, maar door passie en een zoektocht naar uitdagingen. De creatievelingen zijn op zoek naar intrinsieke motivatie. Dat vinden ze in nuttig werk, dat voldoening oplevert. Hij ziet de Occupy-beweging als een oproer van de creatieve klasse. Zij roepen op tot emotionele betrokkenheid bij elkaar, ze willen gemeenschapszin creëren en keren zich af van snel geld verdienen.

Steve Jobs gesjeesde student

Misverstand: de creatieve klasse is geen culturele elite, ook mensen die met hun handen werken behoren hiertoe. Ieder individu is creatief, zegt Florida, dat heeft niets met opleiding te maken. “Steve Jobs was een college dropout.” Volgens de socioloog is het de kunst het individu niet te onderdrukken of uit te buiten, maar de vrijheid te geven voor persoonlijke expressie. Zo kunnen fabrieken laboratoria worden, in plaats van geestdodende productiehuizen. Alleen open economieën zullen succesvol zijn.

Technologie, talent en tolerantie

Steden zullen verder groeien, betoogt Florida, omdat zij kansen bieden en ruimte voor experiment. De stad is de sociale en economische organisator van deze tijd, waar dat vroeger de boerderij en de fabriek waren. De creatieve klasse woont graag in de stad, waar openheid en diversiteit te vinden zijn. In de stad kun je proberen, falen en opnieuw beginnen. Een succesvolle stad beschikt daarom over de 3 T’s: technology, talent & tolerance.

De vraag uit de zaal over waarom reactionaire sentimenten op dit moment aan populariteit winnen, beantwoordt Florida met een woord: Angst. De zoektocht naar individuele expressie en creativiteit stuit op de conservatieve reflex om de controle te behouden. De Amerikaan vraagt zich af waar de politici zijn die onze banen zo nuttig mogelijk willen maken, omdat daarmee een grote collectieve creativiteit zou zijn te ontsluiten.

Oproep

Florida besluit zijn lezing met een oproep aan de aanwezige studenten, onderdeel van de toekomstige creatieve klasse. “In wat voor wereld wil je wonen? Als creatieveling heb je de verantwoordelijkheid die wereld zelf te realiseren, en een gids te zijn op de reis daar naartoe.”

Richard Florida is in Nederland voor de Internationale Biënnale Herbestemming & Leegstand, die vandaag en morgen plaatsvindt op diverse locaties in Maastricht.

bron: http://www.dearchitect.nl/nieuws/2011/11/03/verslag-lezing-richard-florida.html


Waarom we kunst doen. ‘een artikel’

Waarom we kunst doen. ‘een artikel’

Wat kunst (kan) doen.

In maximaal 1500 woorden.

Mijn naam is Lucas De Man, ik ben artistiek leider van Stichting Nieuwe Helden en wij maken in binnen- en buitenland culturele concepten voor de openbare ruimte.

“Je moet wel zorgen dat je het in 1 zin kan uitleggen wat je doet, niemand houdt van vaag.” zeiden de managers die wij vorig jaar in het kantoortje van Nieuwe Helden hadden uitgenodigd. Ze kwamen ons adviseren over hoe we ons het beste konden profileren.

“Wat is je motto? Wat is je kernzin? Wat zijn je doelen?”, schreeuwden ze na twee espresso’s en drie witte wijn met ijs. Witte wijn met ijs!

Het idee van het uitnodigen van managers kwam dan weer van mensen ‘uit het veld’, die ons advies gaven over hoe we als ‘stichting die niet onder 1 klassieke kunstnoemer te vatten valt’, ons toch konden profileren zodat mensen ons zouden be-grijpen.

Stichting Nieuwe Helden creëert, organiseert, initieert en reageert vanuit de noodzaak een verhaal te communiceren met en naar anderen. Je plakt er zelf maar een labeltje op.

Er wordt geknipt en gekut in het kunstenlandschap. Er wordt geklaagd over niveauverlies, over commercialisering, over te weinig volk, over te volks, over weet ik veel. Ik ga hier echter niet kutten of klagen. Ik ben bezig met de poging een zoektocht aan te gaan.

Ik ben op zoek, samen met zij die mee willen zoeken, naar hoe ik in woord EN daad vanaf nu en de komende jaren deze samen-leving mee vorm kan geven.

In 1 zin, beste adviseurs. En hier nog een:

Ik ben op zoek in woord EN daad naar hoe de openbare ruimte, af en toe of vaker, een plek van ont-moeting mag zijn.

Ik wil hier nu even de tijd nemen om bovenstaande zinnen uit te leggen, maar voor zij die niet van lezen houden, verwijs ik nu alvast naar onze website www.stichtingnieuwehelden.nl, waar je ook via beelden en filmpjes van onze projecten kunt zien wat ik bedoel.

Ik ben opgegroeid met het besef dat er niet 1 waarheid is, dat er geen overkoepelende waarheden zijn die mij DE weg wijzen. Ik ben opgegroeid met het inzicht dat er niemand op de hele aardkloot is die zeker weet wat wij hier op deze wereld komen doen. Ik ben opgegroeid met het existentiële gegeven dat ik er zelf maar iets van moet maken. Vrijheid in zijn mooiste en wreedste vorm.

Ik ben geen ‘kunstenaar’ geworden, ik ben dat ondanks mijzelf. Ik heb een energie, een dadendrang, een intuïtie, een beeldenstroom en een arrogantie gekregen door een chemische samenloop van omstandigheden waardoor ik thema’s, verhalen en metaforen wil delen met een groter publiek dan mijn moeder en oma. Ik heb in mij gebakken de drang via mijn ‘werk’ een directe dialoog tot stand te brengen met een ‘publiek’. Dat zit in mij en ik heb gekozen het niet te negeren maar te professionaliseren.

Naast die gegeven drang heb ik ook een theorie over het belang van kunst. Kunst is de enige vorm die een plek kan creëren waar de mensen fysiek bij elkaar kunnen komen om DAT te delen wat hun mens maakt, namelijk hun sterfelijkheid.

Met sterfelijkheid bedoel ik het gegeven dat we op een dag geboren werden, op een dag dood zullen gaan en daartussen ‘het niet weten’.

Het weten (dat je rationeel als inzicht kunt verwerven maar dat vooral bij iedereen van nature is ingegeven) van dit ‘niet weten’ geeft de mens heel zijn leven lang zowel een positieve als een negatieve energie. Het maakt ons klein en bang en tegelijk verbindt het en laat het ons van elkaar houden. Het zorgt er voor dat we elkaar afslachten in oorlogen maar het maakt ook dat we gaan samenwonen in dorpen, steden, samen-levingen. De mens als eenzaam kuddedier zoekt de ander op omdat hij/zij er met zichzelf niet uitkomt. De mens heeft de nood om te delen, zijn sterfelijkheid, zijn niet weten en zeker als er geen kader meer is dat antwoorden of invulling geeft zoals de Kerk, Vader of Koning dat deden.

De plek waar mensen elkaar kunnen tegenkomen, los van hun privé of achtergrond, is de openbare ruimte. Een plek die nu overheerst wordt door reclame, media, consumeren en ‘events’ (of zoals ik het noem even-tsssss, hoofd stil zetten). De openbare ruimte is nu (ik ga even een heerlijke veralgemenisering doen) een anonieme ruimte. Jij als consument, jij als stemgerechtigde, jij als kijker worden aangesproken maar jij als mens doet er niet toe. Even – tsss.

En toch, wij willen af en toe dat ‘kleine ikje’ dat binnen in elke mens zit, kunnen, mogen, laten zien of kunnen, mogen zien bij een ander. En dat kan niet enkel in je privé, enkel bij je vaste vrienden. Dat kan ook niet enkel in een fictieve wereld van boeken, computers en multimedia. Hoe belangrijk de wereld van internet en virtualiteit tegenwoordig ook is, het is niet ‘echt’. Als vlucht of als middel is het heerlijk maar wij hebben als mens nood aan die ander. Live, fysiek aanwezig tegenover ons zelf. De ander die er ook is, echt is. Die het ook niet weet en die ook zoekt omzijn/haar ‘ikje’ te kunnen/mogen laten zien.

Dan kom ik bij het theater (en theater zie ik in de breedste zin van het woord). Theater heeft de taak om een plek te creëren waar de mens dat ‘ikje’ mag (laten) zien, waarin zijn sterfelijkheid aangeraakt wordt, waarin hij even niet MOET maar ONT-MOET.

Met ontmoeting doel ik op een moment waarin je mag ‘zijn’. Waarin je niet je ‘ikje’ hoeft te verbergen maar ‘als mens’(in de meest existentiële zin van het woord) mag zijn.

De kunstenaar/creator (ik haat het woord theatermaker) heeft hierbij 2 twee belangrijke taken.

  1. Hij/zij kiest en communiceert (telkens hij/zij de noodzaak voelt rond) een verhaal/thema dat het sterfelijke van de mens (het niet weten) aanraakt (er zijn ontelbare verhalen en slechts beperkte thema’s te vinden) door een project op te zetten (ik zeg bewust niet voorstelling omdat maar 1 van de vormen is waar theater zich in kan uiten) dat een publiek (en ik pleit ervoor per project een specifiek publiek voor ogen te hebben en dit concreet aan te spreken –  wie er dan nog extra bij komt is mooi meegenomen) uitnodigt via lijf/beeld/taal/muziek, dat de dialoog (de wisselwerking tussen het project en het publiek) rond dat thema/verhaal, fysiek in het hier en nu aangaat zodat er een ont-moeting (tussen publiek en zichzelf, publiek en elkaar en publiek en de ‘creator’) kan plaats vinden.

De plaats(en) waar de projecten zich afspelen is volledig afhankelijk van de aard van het project maar het gevolg is steeds dat het project zelf een plek, een plaats an sich creëert. Het project creëert op zichzelf een stukje openbare ruimte.

Elk goed kunstwerk creëert een stukje echte openbare ruimte; een plaats waar mensen los van privé en achtergrond, elkaar en zichzelf als mens mogen ont-moeten en waar hun sterfelijkheid geen taboe maar onderwerp is.

  1. De kunstenaar heeft ook een verbindende taak. Naast het creëren van een ontmoeting via zijn/haar werk heeft de kunstenaar ook de mogelijkheid om via zijn/haar project andere instanties (medekunstenaars, maar ook organisaties of mensen die niet uit de kunst komen) rond datzelfde gekozen thema/verhaal bij elkaar te brengen. Het project dat de kunstenaar opzet, kan verschillende facetten hebben (naast het eigenlijke werk of als onderdeel ervan) waarbij hij/zij organisaties en instanties betrekt die ook werken aan het door de kunstenaar gekozen thema/verhaal.

Op die manier legt de kunstenaar niet alleen extra lagen in zijn/haar project maar creëert hij ook een niveau van ontmoeting, verdieping en verbinding voor de mensen die aan het project meewerken. De kunstenaar heeft de mogelijkheid, en wat mij betreft de taak, om met zijn gekozen thema’s/verhalen meer mensen te verbinden dan enkel zij die een kaartje kopen of langskomen.

Hij/zij staat aan het hoofd van een project dat een kader kan bieden waardoor de energie en het werk van verschillende andere mensen en organisaties (bedrijven, scholen, sociale instellingen, overheden, zelfstandigen, winkels enz.) gebundeld en verdiept kunnen worden en hierdoor een extra laag van betekenis kunnen krijgen.

Ik zeg niet dat dit altijd lukt, maar het is wel een functie die nu nog door veel te weinig kunstenaars opgenomen wordt en waardoor de kunst nog te weinig haar prominente positie in de samenleving opneemt.

De kunstenaar heeft een existentiële verantwoordelijkheid (door zijn van nature gegeven talenten) om via het kader van zijn projecten en gesteund door zijn/haar inzichten in de gekozen thema’s/verhalen mensen te verbinden, te laten ont-moeten en te laten samen werken in de openbare ruimte die het project creëert.

Tot slot zou ik willen aangeven dat ik, beperkt door de mij opgelegde ruimte om mijn uitleg te geven, ervoor gekozen heb mijn gedachten te comprimeren. Voor wie graag meer uitleg wil of dieper op de zaken in wil gaan of voor wie graag wil reageren zet ik hier mijn telefoon nummer en email adres. Lucas De Man, 0644694403 lucas@stichtingnieuwehelden.nl

Yo wereld

Yo wereld

Yo wereld…

Een nieuwe held zijn is wat me vanaf mn eerste bewustzijnsdag bezigheid. Ik wist nog niet veel toen maar had al wel het vermoeden dat t m niet zou zitten in heel erg sterk of groot zijn in iets. Ik was een handige jongen, daar niet van, maar een uitblinker was ik allerminst. Ik ben nog altijd een handige jongen. Ik zing en acteer aardig en heb een soort overzicht van de kunstwereld die een aantal mensen om mij heen nogal duidelijk ontberen. Tot ik Lucas ontmoette. Eigenlijk zonder enig verwantschap begonnen we de zoektocht naar De nieuwe held. De nieuwe held waarover we per ongeluk beiden, terecht, schreven in onzer afstudeerschrijfsels op de theaterschool. Hoe wij tweeën tot dit nieuwe heldenschap zouden komen waren we het gelukkig ook eens en daarom formuleerden wij gezamenlijk: een nieuwe held heeft geen superkrachten, neen juist tegenovergesteld; de nieuwe held erkent dat hij sterfelijk is. Juist door de menselijke eigenschap van doodgaan te erkennen ontleent onze nieuwe held daar kracht uit. Hij is sterk omdat hij kwetsbaar durft te zijn. Goed idee, maar hoe zit het met de kunsten in dit verhaal dan? Dat weten de nieuwe helden ook niet precies, het ziet er namelijk nogal somber uit voor de held zonder vleugels; hij zal nog een nieuw continent, nog een nieuwe kunstvorm uitvinden nu hij zijn kwetsbaarheid in alles wat reeds gedaan is toont. Het zal m dus niet in vorm zitten concluderen de jongens samen, maar in energie. Ja energie, want de nieuwe helden, en met hen geloven zijn hun generatie, bezit een kracht namelijk kennis en kundigheid en de wil om daarmee iets te veroorzaken. Uit is het met de zoektocht naar de kunstvorm die nieuw is en uit is het ook met die kunstenaar die een genre bedenkt om kunstvormen te verbinden. Nee, de volgende stap is om deze energie te bundelen in ‘projecten’. Projecten waarin de nieuwe held tracht alle krachtige generatie genoten handigen te verzamelen om hun vorm in hetzelfde festijn te tonen. Om in een project te bundelen waar vorige makers elkaar aftroefden. Rijker, completer, falender.

Ik geloof hier nog altijd heilig in.

Ik merk na twee jaar samen te werken met een van de meest energieke bewijzen van het nieuwe heldenschap, dat ik een andere strategie beoefen om deze waar te maken. Ik ben geen regisseur en ook niet alleen uitvoerende. We hebben een veroorzakerschap gemeen, maar verschillen nogal in benaderingswijze. Al zoekende bemoeide ik me gretig met een fysiek collectief, een rockband, een mime-core onderzoek en Lucas’ stichting, want dat is ze inmiddels geworden. No offence, in tegendeel. Ik ben enorm trots op wat er van Stichting Nieuwe Helden aan het worden is: Groots chaotisch, onvatbaar en sexy zoals ze moet zijn, maar niet mijn ding. Gelukkig ben ik niet zo post-individualistisch om te denken dat dat het is, maar de poging om te verbinden: als die centraal staat lukt het me niet binnen Stichting Nieuwe Helden zoals ze op dit moment geleid wordt, zoals door Lucas. Het is te veel. Ik merk dat ik groei in een aantal samenwerkingen die ik reeds in mijn studie ben aangegaan, dat mijn werk er baat bij heeft te groeien in de tijd. De mensen en het materiaal beter te leren kennen en iets van wat het veroorzaakt te gaan begrijpen. Daar waar het een paar jaar geleden begon met de rush, de chaos van het gewoon doen en zien hoe mooi dat kan zijn, is het tijd om die kloten in te laten dalen. Niet om volwassen braaf te bekomen, maar om die kloten zorgvuldiger in de verzadigd gapende mondjes te hangen van het hooggeëerd publiek.

Mijn punt is dat ik graag wil dat Stichting Nieuwe Helden door Lucas wordt geleid. Ik benijd Lucas in de manier waarop hij weet te veroorzaken en vooral ook veel produceert. Ikzelf wil er vanaf, van het artistiek leiderschap. Ik denk dat de Stichting toe is aan een nieuw systeem van hiërarchie; een scheiding tussen hoe er wordt geleid en wie er maken/organiseren. Met Lucas aan het hoofd en makers als Ilay, Erik en Joost en projectleiders als Marco, Daan en Isil en aanvullingschaoten als Niels en Olly zie ik mij als oprichter gelukkiger in de rol van Maker dan die van artistiek leider. Hiermee tackle ik zelf het argument van bestuurssecretaris Piet Menu dat de verscheidenheid in leidinggeven de meerwaarde is maar volgende mijn intuïtie, wat ik steeds heb gedaan en graag zou blijven doen, heb ik de vrijheid meer nodig om mijn ongedefinieerdheid vorm te geven. Vanuit mijn Nieuwe Held zijn te spelen zweten en schreeuwen, vanuit mijn adolescentie niet te kiezen, of, te kiezen voor tegenstrijdigheden die blijken niet te kunnen worden gebundeld. De uitslag van onze tweejarige subsidieaanvraag onderstrepen deze gedachten. Ik vermoed ook dat er een andere uitslag zou zijn geweest als Lucas zijn plannen had ingediend. Ik voel me daar slecht over. Mijn twijfels bij mijn leiderschapskwaliteiten zijn niet nieuw en waar stonden we als ik dit eerder had toegegeven? Aan de andere kant denk ik dat we vanuit eerlijke verlangens tot verbinding een heel andere aanvraag zouden moeten doen; eentje die het de Stichting mogelijk zou maken vanuit de verbindings- en veroorzakings-drang te werken met creators uit alle disciplines. Het is daarin voornamelijk jammer dat de commissiewereld die visie (nog) niet aankan. Ze adviseerden ons op voorhand toch maar liever op de theaterprojecten in te zetten en bleven daarmee gemakshalve zelf lekker conservatief. Het blijft een lelijk idee dat Lucas zijn projecten op eigen titel prima had kunnen financieren via deze weg, maar dat ook zijn verlangen meer te zijn dan regisseur dan zou worden ondermijnd door de hokjesgeest van de uitgevers van het weinige overgebleven geld.

Het koningsduo Lucas, Bas zoals we onszelf in alle bescheidenheid vorige week nog hebben benoemd moet blijven bestaan. Ik geloof dat wij elkaar naar een hoger niveau tillen in sparren rond een project of het definiëren van een actie. Zo blijf ik liefst nauw betrokken bij de ontwikkeling van een concept als ‘project V’. Ik geloof dat zo’n platform een droom benaderd waaruit wij ooit vertrokken; een binding te veroorzaken in een generatie die de kloten heeft nog eens iets te veroorzaken. Stichting Nieuwe Helden lijkt zichzelf te definiëren als betrouwbaar en steady producerend label van ons werk, project v is meer open en van iedereen. Transparanter. Het feit dat Nhelden het platform verzorgd zegt genoeg. We starten een model waarin Lucas leidt, Wouter produceert en ik, met een aantal belangrijken voor ons, een artistieke raad opricht om het geheel te versterken. Zodat ik bijdraag in plaats van rem. Een raad die naast het dagelijks bestuur de filosofie waarborgt en, misschien nog belangrijker, een positie tussen ‘deze jongens’ en de rest van die gewilde generatie kan innemen. Een raad als commissie voor goede ideeën, waar je aanklopt om van je project een Nieuwe Helden project te maken, die zoekt naar verbinding met onze productionele capaciteiten en vervolgens naar coaching binnen dat project. Maar vooral ook een raad die de project-kwaliteit van de eigen producties waarborgt. Een uitnodiging en een een waarborg, daar wil ik voor staan.

Ik maak ARTCORE met Stichting Nieuwe Helden, ik ben de helft van MTG BLONT, speel bij Oostpool en ben onderdeel van Schwalbe. Groetjes Bas. Ik stap uit de artistieke leiding van Stichting Nieuwe Helden, Omdat ik er in geloof en daarmee mijn eigen egotrip lostrek van die stichting om ze te ondersteunen in plaats van ze te leiden, daar ik beter veroorzaak dan leid, daar ik beter ga dan push, sorry, dankjewel en hoera.

Bas van Rijnsoever

voorzitter Artistieke Raad

it ain’t over, it’s about to get better

Ilay Den Boer

Ilay Den Boer

Email van Ilay in nacht van 5/6 okt:

Ha Luc,

Gedachte nr 1: Na de definitieve vorming van de coalitie moet de vraagteken van Nieuwe Helden door heel Nederland gemaakt gaan worden! Toch??????
Gedachte nr 2: Tot vanmiddag 14:00 uur was ik bezig met het schrijven van een vier pagina’s tellende brief aan Geert Wilders. Een brief waarin ik een gedachte-experiment uitvoerde. Ik wilde kijken of het mogelijk was om Geert Wilders te begrijpen wanneer hij de gehele Nederlandse culturele sector wegzet als linkse hobbyisten en 200 miljoen op ons wil bezuinigen. Om eerlijk te zijn, ik ging haast denken dat hij gelijk had. Waardoor ik in dezelfde brief een vlammend betoog schreef richting de gehele culturele sector. Om op te roepen terug te keren naar onze existentie. Om een ieder (en dus ook mijzelf) te bevragen op het waarom van kunst. Of er een belang is. Want nu alles op losse schroeven staan kan ik niet anders dan terug te keren naar existentiële vragen en dat zou een ieder in de kunsten sector moeten. Om te eindigen met een messcherpe metafoor voor het belang van de kunsten.
 
Tot vanmiddag 14:00 uur was het nog geen feit dat de coalitie VVD, CDA met gedoogsteun van PVV daadwerkelijk zijn definitieve vorm zou krijgen. (Overigens kwam ik erachter wat de letterlijke betekenis van gedogen is: ‘oogluikend toelaten wat eigenlijk onwettig is.’ Dubieus?) En daarom was het mogelijk om een gedachte-experiment uit te voeren.
 
Nu is het 1:41 uur en is de nieuwe coalitie alweer bijna 12 uur een feit. En wanneer feiten zich aandienen is het klaar met de gedachte-experimenten. Is het klaar met de suggesties en dient de keiharde realiteit zich aan. Nederland heeft zijn principes opzij gezet. Nederland krijgt een regering die een boerkaverbod (en gelukkig kent mijn spellingscontrole dit woord nog altijd niet) wil invoeren. Een regering (en ja ik spreek nu de VVD en het CDA er ook op aan, zij zijn nu eenmaal met de PVV gaan samenwerken en zullen de verantwoordelijkheid daarvoor moeten dragen) die een religie verward met ideologie. Een coalitie die religie verward met extremisme. En het meest verontrustende: een coalitie die een deel van de Nederlandse bevolking een identiteit aanmeet die ze niet verdienen. Dit maakt mij angstig, angst voor wat die identiteitsvorming zal opleveren.
 
Maar wat moet ik nu? Mijn brief aan Geert Wilders doet er niet meer toe, omdat de feiten harder zijn dan het gedachte-experiment. Ik ben gevraagd om een opiniërend stuk te schrijven. En omdat ik theatermaker ben, maar bovenal betrokken bij wat er in de wereld gebeurt, wilde ik mijzelf en de kunstensector op zijn verantwoordelijkheden wijzen. Op ons maatschappelijk belang. Maar dat voelt nu ongepast. Moet ik nu een oproep schrijven tot protest? Maar wie ben ik om tot protest op te roepen en welk protest dan? Moet ik nu gewoon theater blijven maken of de straat op? Tussen 14:00 uur vanmiddag en nu is er heel veel gebeurd. Naast alle verwarring, verdriet en twijfels die er bij mij zijn ontstaan na het nieuws van vanmiddag heb ik een voorstelling gespeeld in Maastricht. Een voorstelling die opnieuw heel veel heeft losgemaakt op emotioneel en intellectueel vlak bij mijn publiek. En hoewel de voorstelling er volledig niet over gaat kreeg ik na afloop de reactie van een meisje dat de voorstelling zeer actueel is na vandaag. Dat ze gedachten-voer had voor de komende dagen en ze bedankte me voor de avond. Moet ik en de kunsten blijven doen waar we goed in zijn? Mensen nieuwe perspectieven op het leven tonen? Vragen blijven stellen? Blijven veroorzaken? Of moeten we gaan protesteren en al onze nuance en poëzie laten varen? En dat niet protesteren omdat er 200 miljoen bezuinigt gaat worden op de kunsten, er zijn nu onderwerpen die veel meer aandacht vragen. Maar als ik al zou protesteren dan vanuit het oer gevoel dat ik principieel tegen Geert Wilders en zijn gedachtegang ben. Omdat ik heel erg hard NEE wil schreeuwen op het binnenhof. Omdat ik het vraagteken in Den Haag wil laten branden en dat aan heel Nederland tonen. Ik weet niet wat goed is.
 
Ik heb 1 concrete suggestie. Laat alle Nederlandse kranten een voorbeeld nemen aan de Vlaamse krant De Morgen en allemaal een zwarte voorpagina produceren. Om de zwarte dagen die Nederland tegemoet gaat te symboliseren. Mijn brief aan Geert Wilders en deze tekst mag daarvoor zeker geofferd worden, want of al mijn twijfels nu zo interessant zijn? 
Let it be a black day! 
Ilay den Boer 
Theatermaker.

The raw Ijesus

The raw Ijesus

Saturday I performed I-Jesus at the closing party of Someting Raw festival in Theatre Frascati. After hanging for two hours I had swollen feet, almost couldn’t move my right arm but was very satisfied. The party was great and we danced into the small hours.

I-JesusI-jesus

ideale kleinzonen opzoek naar 65+ date

oproep:
twee ideale kleinzonen opzoek naar 65 date!
wij, rustige, nette, schone, goed opgevoede jonge heren uit Amsterdam willen maandag 28 December heel graag naar de “Niet ver van je bed-show” gaan kijken en zijn vanwege het strenge deurbeleid opzoek naar partners!
links: Bas, rechts: Marc
mocht u geïnteresseerd zijn in gezelschap, stuur dan mail naar bas_van_rijnsoever@hotmail.com
Wij komen u goed gekleed ophalen!

groet,

Bas & Marc

Lullaby?

sleep well

Nieuwe grond conference

Friday, Saturday and Sunday (20-22nov 09) I joined the conference for young artists working on Utrecht Artistic Capital 2018, Nieuwe Grond.

As always on these meetings was it difficult to really come together on a practical level. I mean every body likes to talk and meet up but how can we find ways to really work together instead of just talking or making very small on the spot artistic farts. (like create an image of this neighbourhood in two hours) These conference are very good for your network and sometimes give you some energy in the ‘i am not alone ‘ sense but selden really result in something concrete or lasting.

I think the only way a meeting of artists can be more than just some talking is when artists themselves start organising such a thing from a necessity within them. Most of the time these meeting are not organised by artists but by ‘institutes or organisations’ and have a more political reason.

When an artists feels the need to combine forces, to meet and work together he/she will come with a concept. Until that day, we will talk a lot, eat a sandwich, listen to a presentation, do a little art thingy and be let as the sheep we are.

Old people and Passion

We are now over half way in our project Bejaarden en Begeerte about passion at 65+. We did interviews with psychologists, activity organisers, priests, old people and many more, we made a radio show in an old people’s home, went with a camera on the street, presented a bingo afternoon,  and made preparations for more activities the coming weeks to do. For more info on our activities, research and show: www.bejaarden-en-begeerte.nl

4

Gisteravond, De Groene Engel, Oss. MTG BLONT speelt ZO komt de naakte waarheid aan haar licht. Dave – Sabin – Staring, de waardige doordeweeks vervanger van Floor -Flo- van Dongen, is al de hele dag in touw en steiger als Floor -DDDebby- van Leeuwen en Bas -Spyker- van Rijnsoever het mooie theater in komen wandelen. “4 reserveringen” en een pijnlijke glimlach wordt er bij het Brabants warm onthaal meegedeeld… Na een diepgaand zware mooie doorloop van MTG BLONT speelt zonder zwaartekracht draagt men niets, die middag, komt dit nieuws op een rauw dak en een aantal lachspieren terecht. Na een melig biertje, een zalmmoot, biefstuk en iets vegetarisch met paddestoelen besluiten we uit te vinden hoe professioneel we zijn en er heel erg voor te gaan. De tribune in het donker, een rijtje stoelen op de vloer. De statistieken drastisch aangepast (0,08 van u woont/ woonde op uw 40e bij uw ouders) en performance Kaars1 gesneuveld (voor publieksparticipatie braucht man publik). Toch hangt er door de onderspanning en de diepgang van het nieuwe proces iets bijzonders in de lucht, zet de situatie de voorstelling opnieuw op z’n plek. Ik vond het een bijzonder intense ‘echte’ avond. De 4 dames die kwamen waren er echt en met enkel hen op onze vloer moesten wij daar ook wel zijn en volgens mij waren we er…  echt.