BOX

Naast Boom en het voorbereiden van de tour, het werken aan een muziekprogramma voor het Edinburg festival (jacques Brel met Donald Hawkins) en het opstarten van de projecten voor volgend jaar (o.a. bejaarden en begeerte en fightclub) zijn we druk bezig met de Roll With It Box.

Hein Drost heeft een ontwerp gemaakt dat hij nu in Dordrecht bij Omsk gaat bouwen. De box wordt zo’n 15 meter lang, 4 meter hoog en 5 meter breed. Er kunnen mensen op en onder en bovendien is er een performance te zien in de Box. De box bevat aan de buitenkant informatie  over de tour en toont filmpjes die we onderweg maken.

In de Box speelt Erik Willems een performance voor en met het publiek. Die performance wordt momenteel gemaakt door Erik en Lucas. Hij zal ongeveer 20 minuten duren en draait er om dat het publiek een moment van ‘niet zijn’ te latenl ervaren.

Meer info volgt en we willen ook nog niet teveel prijs geven op voorhand. De box staat eerst op Over het IJ festival dus wees welkom.

Mode der erkenning


Straatartiesten in T-shirts
door Merel van Huisstede

I’m not a beggar, I’m an artist.
Twee weken geleden gaven wij de straatartiesten van Amsterdam een T-shirt met deze tekst erop. Een enorm sterke tekst die het begrip ‘kunstenaar’ of ‘artiest’ op zijn grondvesten doet schudden. Is alleen een befaamde acteur artiest? Of elke idioot die met een hoed voor zijn voeten op een gitaar kan tokkelen?
Mijn bevindingen van twee dagen meewerken aan deze performance waren erg waardevol. De mogelijkheid voor het uitvoeren van de performance kwam echter niet aanwaaien. Dat lijkt misschien voor de hand liggend, maar ik bevond me op een gegeven moment bijna zelf bedelend: om straatartiesten. Zo raak als het de eerste dag was, zo hebben Lucas en ik naar ze moeten zoeken en zoeken op de tweede dag. Hebben straatartiesten bepaalde uren? Stemmen ze hun werkdag af op het weer? Blijven ze in bed liggen als het regent? Maar dan toch, de zon brak door en de straatartiesten kwamen aanwaaien.
Hoe moet het zijn als de straat je podium is, het Centraal Station je licht en decor vormt en je publiek uit passanten bestaat? Wij hebben in ieder geval voor een kostuum van erkenning gezorgd. They’re really not beggars, they’re artists. De energie die je ontvangt wanneer je bijvoorbeeld iemand die al 35 jaar op de Dam staat de glorie van een artiest geeft is bijna net zo heerlijk als het krijgen van applaus. Het geven van die erkenning is op lange termijn toch veel waardevoller dan het gooien van een muntje in een vioolkist?

I’m not a BEGGAR

Vorige week hebben de nieuwe helden in samenwerking met Stad van Spinoza een performance in de stad gedaan waarbij we alle straatmuzikanten van de stad een T shirt gaven. Zie Filmpje hier onder:

De bedoeling is dat we deze actie voortzetten in de zomer.

Als u een straat muzikant met zo’n Tshirt ziet spelen, neem er een foto van en stuur ze naar ons door dan zetten we ze op de site.

metroman

 In het ‘Sypk&Tanja’ onderzoek met etalagepoppen in Dordrecht kom ik erachter dat de man van vandaag een groot probleem heeft. De transformatie van Ariadna in de hip opgedirkte pop was heftig, maar niet eens zo ver gezocht. Het beeld van een mens en pop met haast exact dezelfde look gaf in een beeld de vervreemding en absurditeit van het nastreven van uiterlijke perfectie, zoals de performance ook was bedoeld. Bij mij was dit een heel ander verhaal. Als we de etalages van goed verkopende grote concerns moeten geloven dan is de man van vandaag, naast gespierd en licht verveeld, ook een ontzettend ijdele gaylord. Transformeren in deze pop leidde, misschien wel gelukkig, tot een hoop commentaar. De man en vrouw van de straat zijn nog niet klaar voor deze mega-metro-mannelijkheid. En het klopt ook niet. Ik kan zo niet in een garage een auto monteren, dan wordt m’n deels roze truitje vies. En het lukt ook niet goed om voorbij mijn gemascarade wimpers te kijken. Hoewel ze nu ècht heel lang lijken en mijn ogen er bambi-groot van worden niet heel praktisch. En daar ligt m het probleem. De popenhakjes van Ariadna waren haast onbewandelbaar. Haar reactie; tanden op elkaar en doorlopen en anders, hakjes uit en heel onschuldig (en dus nog sexier) op blote voetjes doorlopen. Misschien wel tot een stoere man haar naar zijn grote auto zou dragen… Ik zou schoenen die kut lopen ten eerste nooit gekocht hebben en mocht het per ongeluk tegenvallen, mijn falen erkennen, schoenen weg en nieuwe, goeie, halen. De bereidheid om voor looks te gaan of zelfs de opofferingsgezindheid voor een paar grammetjes extra schoonheid, begrijp ik met me mannenharses niet. En het doet pijn het te forceren. Ik geef toe, ik zie er graag verzorgd, gekozen en bij de tijds uit. Haal misschien wel de helft van mn kleding bij de H&M, maar let de volgende keer eens op de etalage; niet in díe combinaties, niet om mee in díe houding te gaan staan en al helemaal niet om er zó bij te kijken.

eet en drink meer

We waren met zo’n 25 mannen en vrouwen aan 1 enorme tafel in het energiehuis in Dordrecht. Wouter en Bas hadden soep en pasta’s gemaakt. Er was wijn, water en bier. Toen ik een klein welkomswoordje deed vroeg iemand of er een thema was of misschien een soort concept voor de avond. Ik kon enkel zeggen, eet, drink en ontmoet elkaar. Leer kennen wie die andere makers zijn, die andere mensen van onze generatie die in Nederland ‘theater’ willen ‘maken’ en zie wat of hoe meeer niet.

Ik ben heel blij dat de meet and eat momenten geen verdere bedoeling hebben dan meet and eat. Er zijn in de afgelopen decennia al duizenden modellen ontwikkeld en methodes uitgebouwd om mensen gestuurd bij elkaar te brengen, elkaar te laten ontmoeten en inhoudelijk met elkaar te laten spreken en zeker wat jonge makers betreft.

Wouter en ik waren afgelopen week in bratislava op de IETM meeting. Alle workshops en meeting momenten en netwerkeventen ten spijt, de plek waar de beste en meest “echte ” contacten werden gelegd waren de bar en het restaurant. Eten en drinken, elkaar zien, spreken, ruiken, aanraken. Contacten en samenwerkingen kan je niet forceren van boven af, dat gebeurt gewoon zoals liefde ‘gewoon gebeurt’. Als de organistaties voor jonge makers nu eens af en toe een pic nic of een goed feest zouden organiseren met hun geld in plaats van ‘debatten en dat soort onzin’ zouden we een veel levendigere theaterwereld kennen waar misschien, af en toe, iets in gebeurt.

monoloog

Ik voel helemaal niets

Ik raak dingen aan

Maar ik voel niets

Ik hou vast

Maar ik voel niets

Het gaat niet

Voelen

Dat gaat niet

 

Echt voelen

Dat kan niemand

Passie

(bron: VanDale geeft antwoord, dePers 09-04-09)
“Casanova had een passie voor vrouwen, Romeo had een passie voor Julia. Passie komt in de beste kringen voor, en niet alleen bij mensen. Zeus had een passie voor Leda en transformeerde zich van god tot zwaan om haar te kunnen beminnen, nou ja… te kunnen bezitten. Hebben we het over passie, dan duiken al snel grote woorden op: brandende liefde, hogere hartstocht. Zo staat passie ook in het woordenboek: als ‘geval van hartstochtelijke liefde’. Maar het woord is onderhevig aan infl atie. Lees de krant maar. Daar staat geen interview meer in, of er wordt aandacht besteed aan de ‘passie’ van de
geïnterviewde. Dan blijken mensen de meest alledaagse ‘passies’ te hebben. Een passie voor hengelen, voor buxushaagjes, voor atletiek, voor oude rijwielplaatjes, voor vliegtuigspotten, voor de Groninger
blaarkop. Of voor de zaak natuurlijk. Gaat het in al deze gevallen om een hogere hartstocht? Het zou kunnen, maar vaak lijkt passie in zulke contexten niet meer dan het hoogdravende synoniem van liefh ebberij. Ook nu, net voor Goede Vrijdag, valt het woord passie nogal eens. Dan gaat het om een ander soort passie: het lijden van Christus, dat immers op Goede Vrijdag wordt herdacht. Mattheus schreef erover in zijn Bijbelboek en Johann Sebastian Bach componeerde daar weer een mooi muziekstuk over: de Matthäuspassion. In beide gevallen gaat passie terug op dezelfde bron: het Latijnse passio. Dat betekent ‘gemoedsaandoening’. Die kan verband houden met lijden én met liefde. Alsof het twee kanten
van dezelfde medaille zijn.”

Eerste etentje

Ik wil iedereen bedanken die gisteren bij het etentje was. Naast lekker eten van Bas en Wouter en een gezellige sfeer was het heel fijn te zien hoe er over theater werd gepraat en gevraagd. Vooral de verschillende werkwijzen van de makers en de verschillende samenstellingen van de groepen (een collectief als zomergasten met zeven tov een duo uit Belgie, tov een stichting als de onze tov makers die overal freelance werken) werden uitvoerig besproken. Rond een uur zo na middernacht ging de laatste weg en besloten wij tot een volgende.

lang leve de crisis

Het zijn goede tijden voor de jonge kunstenaars.  Het is immers crisis.

Een economische crisis zoals wij die nu hebben en vooral zullen gaan krijgen heeft twee grote voordelen voor de jonge kunstenaar (ik gebruik de kleine k dus het mag)

Ten eerste.  Er is geen geld. Hierdoor zullen heel veel aanvragen van heel veel groepjes en projecten afgewezen worden. En aangezien vele van die aanvragende groepjes enkel theater wil maken als ze er aan verdienen zullen er vele groepjes ophouden te bestaan. Nu zijn er veel acteurs, regisseurs, productieleiders, publiciteitsmensen, technici, dramaturgen, programmeurs, journalisten, zakelijk leiders en vage functiebekleders die hun brood verdienen dankzij de tolerantie van passieloosheid die elke vorm van voorspoed kenmerkt. In tijden van overvloed is noodzaak een ondeugd. Als er geen geld meer is, zal iedereen die dit niet “echt” wilt wegtrekken naar betere oorden.

Ten tweede. In tijden van overvloed wordt elke vorm van kritiek onbegrepen en elke oproep een hol geschreeuw of erger nog, een leuk divertissementje tussen hoofd- en nagerecht. Maar in tijden van crisis zullen zij die overblijven weer iets hebben om voor en tegen te strijden.  In tijden van crisis immers  floreert het platte entertainment. Mensen willen vluchten van de realtiet. Musicals en comedy zullen zichzelf opnieuw uitvinden. Hoe intenser plat entertainment zich ontwikkelt en profileert hoe intenser de tegenbeweging dat moet doen. In tijden van crisis worden de verschillen op scherp gezet. Er is geen ruimte meer voor middelmaat, voor een beetje van dit en dat. Er is geen plek meer voor ongekozen kunst.

De jonge kunstenaar weet niet of hij wereldveranderend is, of hij het beste maakt, of zijn werk “er toe doet” of hij het weet. Hij voelt echter, diep in zijn binnenste dat hij dit MOET doen, dat hij niet anders kan en zichzelf bereid gevonden heeft daar gehoor aan te geven. De jonge kunstenaar creëert omdat hij dat moet niet omdat hij dat kan en in tijden van crisis overleeft enkel wat moet. Het is een mooie tijd voor de jonge kunstenaar. Het taboe van noodzaak is opgeheven en de strijd om een plek voor het niet weten, voor het onmogelijke willen, voor het schreeuwen in een geluidsdichte kamer is weer begonnen.

Ik weet niet of ik die strijd kan voeren, ik weet wel dat ik ze voeren zal.

Roll With It

De voorstellingenreeks van Roll With It is afgelopen. Het was een heel intens project waar we met een grote tevredenheid op terug kijken. Alle toeschouwers krijgen de komende dagen een brief in huis die de laatste stap vormt van de voorstelling. Op de roll with it site kunt u deze laatste stap meemaken en dit ten laatste vanaf maandag.

Pas na deze laatste stap zal ik een uitvoeriger verslag doen van hoe deze voorstelling gemaakt en gedraaid is geweest. Ik wil nu echter al iedereen die is komen kijken bedanken.